- Over het halen van de klimaatdoelstellingen
- Over het zoek- en ontwikkelproces van projecten
- Over participatie en het omgevingsfonds
- Over Veenwind
- Over windmolens
- Over zonnevelden
- Staat jouw vraag er niet bij?
We hebben een landelijke opgave voor duurzame energie en iedere regio moet daaraan bijdragen. In vergelijking met de Randstad is er relatief veel ruimte in het Groene Hart. De gemeente De Ronde Venen vormt samen met 15 buurgemeenten de regio U16. Samen met deze gemeenten en andere belanghebbenden wordt gekeken hoe op een zorgvuldige manier de windmolens en zonnevelden kunnen worden aangelegd, ook in onze regio.
Dat staat op https://duurzaamderondevenen.nl. De gemeente De Ronde Venen verwacht dat wij in 2040 1250 TJ elektriciteit nodig hebben. Een deel daarvan moet geproduceerd worden met zonnevelden en windmolens: 636 TJ (= 0,18 TWu). De rest halen we uit zonnepanelen op daken en technische innovatie.
Zonne-energie is ook heel belangrijk om genoeg duurzame energie op te wekken. Zonder veel zonnepanelen op daken en velden vol zonnepanelen zal de energietransitie ook niet lukken. Net zoals het zonder windmolens ook niet lukt. Omdat we als samenleving zoveel energie gebruiken, moeten er veel windmolens op land én op zee komen, veel zonnepanelen, moet er aardwarmte en biomassa worden gebruikt en moet er veel energie worden bespaard. Alleen door inzet van al deze middelen kan de energietransitie slagen. Daarnaast zijn windmolens in Nederland efficiënter dan zonnepanelen en zijn er tientallen hectares zonnepanelen nodig om evenveel op te wekken als twee moderne windmolens.
Bovendien vullen zon en wind elkaar juist goed aan. In de zomer schijnt de zon harder en waait het vaak zachter. Dan wekken zonnepanelen veel op. In de winter waait het harder en schijnt de zon minder. Dan wekken windmolens juist veel op. Door wind en zon te combineren, ontstaat er zo ook meer stabiliteit op het elektriciteitsnet.
In Nederland is afgesproken dat provincies, gemeenten, waterschappen en verschillende ministeries samenwerken om de overstap naar duurzame energie te maken. Nederland is hiervoor opgedeeld in 30 regio’s en De Ronde Venen zit samen met 14 buurgemeenten en gemeente Utrecht in de regio U16. Iedere regio maakt een plan, een Regionale Energiestrategie (RES) en geeft daarin ook aan hoeveel duurzame energie ze in 2030 kunnen gaan opwekken. Voor heel Nederland geldt dat in 2030 35 Terawattuur (TWu) op land moet worden opgewekt met onder andere wind en zon. De doelstelling van onze gemeente is 0,18 TWu. Dat is 0,5% van de landelijke doelstelling.
Wil je meer weten over de regionale energiestrategie, kijk dan naar dit filmpje.
In 2015 hebben vrijwel alle landen in Parijs afgesproken om de CO2 uitstoot in 2030 te halveren en in 2050 (vrijwel) geen CO2 meer uit te stoten. Nederland heeft in 2018 in haar eigen Klimaatakkoord aangegeven hoe we deze doelstelling gaan halen. Voor het onderdeel Elektriciteit is afgesproken dat in 2030 70 procent van alle elektriciteit uit hernieuwbare bronnen komt. Dat gebeurt met windturbines op zee, op land en met zonnepanelen op daken en in zonneparken. Tegelijk groeit de vraag naar elektriciteit. Meer informatie over het huidig energieverbruik in Nederland vind je in dit filmpje.
Op zee kunnen we niet genoeg windparken kwijt om de doelstellingen te halen. Dit komt o.a. door de drukke scheepvaart, visserij, kabels, pijpleidingen en de olie- en gaswinning. Verder zijn er nog natuurgebieden, wordt er aan zandwinning gedaan en heeft Defensie oefengebieden. En als alle windmolens op zee in 2030 draaien, produceren ze jaarlijks ongeveer 40 procent van het totale stroomverbruik (N.B. dat is 8,5% van het gehele energieverbruik).
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat we in 2030 49% minder CO2 uitstoten dan in 1990 en dat we in 2050 (vrijwel) geen CO2 meer uitstoten. De verwachte totale elektriciteitsvraag in Nederland (huishoudens, industrie, mobiliteit, etc.) is jaarlijks 120 Terrawatt-uur (TWu). Om hieraan te kunnen voldoen is onder andere afgesproken dat in 2030 49 TWu met windenergie op zee wordt opgewekt en 35 TWu met hernieuwbare energie op land (windmolens en zonnevelden). Dit is samen nog maar 70% van de 120 TWu vraag.
Daarbovenop komt nog maximaal 7 TWu uit kleinschalige zonneprojecten (inclusief zonnedaken); dat is 5,8 % van 120 TWu. Zonnepanelen op daken hebben dus een beperkt potentieel.
Om dit alles binnen 10 jaar te realiseren moeten we alle zeilen bij zetten, dat betekent én wind op zee én wind op land én zonnevelden én zonnepanelen-op-daken. Dit zijn bestaande, bewezen technieken. Uiteraard moeten we zoveel mogelijk daken ook benutten voor de opwekking van zonne-energie. Dat is nu nog niet het geval en hangt grotendeels af van wat de dakeigenaar wil en kan doen. Sommige daken zijn niet geschikt vanwege de constructie of mensen vinden het niet mooi of hebben het investeringsbudget (er) niet voor (over).
Kortom, we kunnen dus niet wachten tot alle daken vol liggen met zonnepanelen. De opgave om voldoende energie duurzaam op te wekken is behoorlijk groot, dus is het ook nodig om op zoek te gaan naar locaties waar we op grotere schaal met wind en zonne-energie kunnen opwekken.
We gebruiken met zijn allen 1,1 miljard kWh per jaar. Dat is niet alleen elektriciteit (15% van het totaal) maar inclusief het aardgas dat we gebruiken voor verwarming en de benzine en diesel die we gebruiken voor onze auto’s.